Veelgestelde vragen over de concept bestuursovereenkomst en werkafspraken
Hieronder staan vragen over de (concept) bestuursovereenkomst en werkafspraken.
Hoeveel asielzoekers komen er en voor hoe lang?
We hebben afgesproken dat we maximaal 350 asielzoekers opvangen op de Michaelshoeve. De bestuursovereenkomst geldt voor een periode van 30 jaar. De Michaelshoeve wordt hiermee een middelgrote opvanglocatie die voor lange tijd gebruikt kan worden. Dit geeft COA de mogelijkheid om goede begeleiding en zorg te bieden aan de bewoners. Daarnaast kan de COA hierdoor investeren in het verbeteren van het terrein en de gebouwen.
Wat spreken we af over alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV’ers)?
Er komen geen alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV’ers) naar de Michaelshoeve. Uit het onderzoek van Bureau Beke blijkt dat er bij inwoners zorgen zijn over deze groep asielzoekers. Deze zorgen gaan onder andere over mogelijke overlast. Daarnaast hebben deze jongeren extra passende begeleiding en zorg nodig. De zorgen van de inwoners over deze groep neemt het college serieus. Daarom is er besloten om op deze locatie alleen reguliere asielzoekers op te vangen.
Kunnen we tussentijds van de overeenkomst af als het mis gaat?
Als er ernstige overlast is of als COA zich herhaald niet aan de afspraken houdt, kan de gemeente de overeenkomst opzeggen. Het asielzoekerscentrum moet dan sluiten.
Hoe regelen we de financiën?
In Nederland is het uitgangspunt dat asielopvang de gemeente geen geld mag kosten. Tegelijkertijd is het voor ons als gemeente niet de bedoeling om te verdienen aan de opvang.
De vergoedingen voor asielopvang zijn vastgelegd in het Faciliteitenbesluit. Daarin staat dat de gemeente elk jaar geld krijgt per asielzoeker. Met dat geld betalen we bijvoorbeeld voor extra personeel, zoals medewerkers die zorg en ondersteuning regelen of toezichthouders op straat. Als deze standaardvergoeding niet genoeg is, kan de gemeente extra geld aanvragen bij het Rijk. In ieder geval krijgt de gemeente in de
eerste vijf jaar een vaste vergoeding. Volgens onze voorzichtige berekeningen is dit voldoende om de kosten te dekken.
Hoe voorkomt COA ongewenst gedrag en overlast door bewoners?
Op de meeste van de 280 COA-locaties in Nederland verloopt de opvang goed en zijn er weinig incidenten. Soms is er verwarring of irritatie over het gedrag van sommige asielzoekers. In een enkel geval misdraagt iemand zich. COA geeft daarom voorlichting aan alle bewoners. Ze leren over:
- de Nederlandse gewoonten, normen en waarden;
- hoe ze zich moeten gedragen in en rond het azc, bijvoorbeeld in winkels of in het openbaar vervoer.
Als iemand toch overlast veroorzaakt, dan spreekt COA die persoon aan en kan er een maatregel of straf volgen. Bij ernstige overlast kan iemand worden overgeplaatst naar een andere opvanglocatie.
Hoe blijven we goed samenwerken en controleren of alles goed gaat?
COA organiseert regelmatig overleg met omwonenden, de politie, School de Lans, ondernemers, de gemeente en andere betrokkenen. Ook wordt er elk jaar een onderzoek gedaan (monitor) om te kijken hoe het gaat.
Na vijf jaar komt er een grote evaluatie. Als uit deze evaluatie of het jaarlijkse onderzoek blijkt dat iets niet goed werkt, dan passen we de afspraken aan.
Wat wordt er geregeld voor School de Lans?
We weten dat School de Lans, die naast het terrein ligt, een bijzondere positie heeft. Daarom hebben we met COA afgesproken dat er extra afspraken gemaakt worden met de School de Lans. Bijvoorbeeld in het ontwerp van een terreinafscheiding tussen het azc en de school. Er zijn gesprekken geweest met de ouders en directie van de school. De zorgen die zij hebben zijn gehoord. Met de bestuursovereenkomst en
werkafspraken ondervangen wij die zorgen.
Krijgen deze asielzoekers allemaal een woning in onze gemeente?
Nee, niet alle asielzoekers die in het azc in Brummen verblijven, krijgen later ook een woning in onze gemeente. Als een asielzoeker de asielprocedure succesvol afrondt, krijgt diegene van de IND een verblijfsvergunning voor 5 jaar. Vanaf dat moment noemen we hen statushouders. Het COA wijst statushouders toe aan één van de 342 gemeenten in Nederland. Die gemeente waar de statushouders aan is gekoppeld is dan verplicht om een woning aan te bieden.
Wanneer besprak de gemeenteraad de concept bestuursovereenkomst?
In september 2025 besprak de gemeenteraad, in de raadszaal van het gemeentehuis, voor het eerst de concept bestuursovereenkomst. Op 3 september lichtte het college het plan toe en konden inwoners en belanghebbenden inspreken. Op 11 september gingen de raadsleden met elkaar in gesprek over het voorstel en de bedoeling was dat de raad op 18 september wensen en bedenkingen zou formuleren. Omdat drie fracties met een alternatief plan kwam, dat door het college in het najaar is onderzocht, heeft de uiteindelijke besluitvorming op 26 februari 2026 plaatsgevonden. Er zijn door de gemeenteraad 19 concrete wensen en bedenkingen geformuleerd. Het college heeft deze besproken met het COA en grotendeels kunnen verwerken in de bestuursovereenkomst en werkafspraken.
Veelgestelde vragen vluchtelingenopvang
Deze vragen gaan over de opvang van vluchtelingen.
Komt er een asielzoekerscentrum (azc) bij de Michaelshoeve?
De gemeente heeft op 28 januari 2025 besloten mee te werken aan het plan van het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers) om op het stuk grond van de Michaelshoeve een asielopvang te realiseren. Dit onder voorwaarde dat gemeente en het COA nog een bestuursovereenkomst afsluiten, aangevuld met werkafspraken. Deze overeenkomst is op 10 maart 2026 afgesloten en door COA en het college ondertekend.
Met deze bestuursovereenkomst kan het COA de gesprekken heropenen met de eigenaar van landgoed MIchaelshoeve over daadwerkelijke koop. Als COA eigenaar is van het perdeel kan het vervolgens de eerste procedures starten die nodig zijn om daadwerkelijk een opvanglocatie te realiseren. Of en wanneer er een opvanglocatie in gebruik wordt genomen hangt af van het COA en het verloop van de verschillende procedures, participatietrajecten, besluitvorming en bouw. We denken dat dit proces al snel zo’n 2 tot 3 jaar duurt.
Hoe kan ik mijn mening geven over een azc in Brummen?
Wij maken concrete afspraken met het COA. Die hebben we vastgelegd in een bestuursovereenkomst met bijhorende werkafspraken. Deze afspraken zijn een belangrijke voorwaarde voor ons om dit initiatief te steunen. Belangrijk onderdeel van de overeenkomst is een zorgvuldig ontwikkelproces. Daarbij is het belangrijk omwonenden en andere belanghebbenden actief te betrekken. Uw inbreng is voor ons dus waardevol. In het verdere proces moet dus volop gelegenheid zijn om uw ideeën, zorgen en andere suggesties naar voren te brengen.
Hoe kan ik mijn zorgen over leefbaarheid en veiligheid kenbaar maken?
In opdracht van gemeente Brummen heeft Bureau Beke uit Arnhem dit voorjaar een risicoanalyse uit. Die brengt in kaart welke risico’s gaan voorkomen als het azc gaat starten. Maar ook welke oplossingen nodig zijn. Iedereen kon aan dit onderzoek meedoen. Eind februari 2025 ontvingen maarliefst 4300 (buurt)bewoners een vragenlijst. Het ging om alle inwoners van het dorp Brummen, maar ook de aangrenzende kernen Leuvenheim, Cortenoever en Oeken. Ook anderen konden via de website www.beke.nl/brummen de vragenlijst invullen.
Buurtbewoners, School de Lans en ondernemers zijn in de afgelopen periode gesprekspartners van gemeente en COA over de ontwikkeling van een asielopvanglocatie. Daarin worden kansen en risico's besproken. Ook hebben personen via gesprekken met gemeente (medewerkers of bestuurders) en COA hun reactie kunnen geven, worden er regelmatig vragen gesteld via het centrale mailadres opvang@brummen.nl en is er gebruik gemaakt van het inspreekrecht bij de gemeenteraad.
Hoe kan ik goed op de hoogte blijven van de ontwikkelingen?
Alle informatie leest u op www.brummen.nl/opvang. Direct aanwonenden benaderen wij rechtstreeks. Ook met vertegenwoordigers van school De Lans en ondernemers voeren wij gesprekken. Alle andere betrokken inwoners houden we op de hoogte via onze website, social mediaberichten, de wekelijkse pagina’s GemeenteThuis en via de lokale en regionale media.
Bekijk hier een overzicht van documenten en communicatie-uitingen.
Daarnaast kan iedereen zich aanmelden voor een online attenderingsmail. U kunt zich hiervoor aanmelden via opvang@brummen.nl. Als er nieuwe ontwikkelingen zijn ontvangt u dit in uw mailbox.
Wat is de rol van de gemeente bij het realiseren van een azc?
Als gemeente spelen we een rol als het gaat om ruimtelijke ordening. Want een opvanglocatie moet passen binnen het gemeentelijke bestemmingsplan (tegenwoordig Omgevingsplan). En ook heeft de gemeente een belangrijke rol bij de leefbaarheid in een gemeenschap, dorp of gemeente. Daarom is het gemeentebestuur intensief in overleg met het COA over dit initiatief. Dit heefft geleid tot heldere afspraken die zijn vastgelegd in een bestuursovereenkomst tussen het COA en de gemeente.
Wat is de rol van de gemeenteraad bij de realisatie van asielopvang?
In de Spreidingswet staat dat het college bevoegd is tot het beschikbaar stellen van locaties voor asielopvang en het maken van afspraken daarover met het COA. Hiervoor is géén goedkeuring van de gemeenteraad nodig. Wel heeft het college de nadrukkelijke wens om de gemeenteraad actief te betrekken in de plannen. De gemeenteraad is bijvoorbeeld actief betrokken via een advies over de af te sluiten bestuursovereenkomst met het COA. Op 26 februari 2026 heeft de raad via een breed gesteunde amendement wensen en bedenkingen aangedragen voor deze belangrijke overeenkomst.
Als het gaat om de Omgevingswet heeft de gemeenteraad zijn gebruikelijke bevoegdheden. Met andere woorden: mochten de uiteindelijk ontwikkelde plannen voor de Michaelhoeve bijvoorbeeld vragen om een nieuw of aangepast Omgevingsplan, dan wordt dit ter goedkeuring aangeboden aan de gemeenteraad. Die zal het beoordelen op ruimtelijke aspecten.
Hoe blijven de omwonenden verder geïnformeerd?
Het gemeentebestuur vindt het belangrijk dat we inwoners actief betrekken bij het proces van de komst van een azc. Het gaat namelijk om belangrijke ontwikkelingen op een terrein in de eigen buurt. Ook het COA vindt dit erg belangrijk. Zij houden in de aanloop naar de realisatie van een azc omwonenden op de hoogte via nieuwsbrieven en als dat nodig is via informatiebijeenkomsten. Het is gebruikelijk dat er een omwonendenoverleg (klankbordgroep) komt. Aan dit overleg nemen meerdere partijen deel, waaronder de gemeente en medewerkers van het COA, omwonenden, winkeliers-/ondernemersvereniging, wijkagent, enzovoort. Dit overleg heeft als doel het contact met de omgeving goed te laten verlopen. Zodra het COA verder in het (ontwikkel)traject zit laten zij weten hoe ze dit gaan organiseren.
Wat is de rol van de Spreidingswet?
Het COA heeft in Nederland een wettelijke taak in de opvang van vluchtelingen en het zoeken van geschikte locaties. De druk is groot in heel Nederland. Net als andere gemeenten heeft ook de gemeente Brummen een verantwoordelijkheid in de opvang van asielzoekers. Dit staat ook in de Spreidingswet, die vanaf 1 februari 2024 van kracht is. Deze wet stimuleert gemeenten en provincies om opvanglocaties te starten. Maar het geeft het rijk ook de mogelijkheid om onwelwillende gemeenten te dwingen asielplekken te realiseren.
Het is de bedoeling dat gemeenten samen (aan de regio-tafel onder verantwoordelijkheid van de provincie Gelderland) afstemmen waar het beste opvang van asielzoekers en statushouders kan plaatsvinden. Daarnaast geeft de Spreidingswet ook duidelijk aan dat het vestigen van een azc een collegebevoegdheid is. Bij een wijziging van een Omgevingsplan (voorheen bestemmingsplan) komt ook de gemeenteraad in beeld.
Hoe zit het met de Spreidingswet?
Na de landelijke verkiezingen eind november 2023 is er in juli 2024 een nieuwe coalitie gevormd. De vier partijen hadden hun plannen beschreven in een Hoofdlijnenakkoord. Hierin spraken zij het voornemen uit om de Spreidingswet in te trekken. Maar zover is het nog niet gekomen. Inmiddels zijn opnieuw verkiezingen geweest (oktober 2025) en is er een nieuw kabinet gevormd. In het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA is opgenomen dat de Spreidingswet van kracht blijft.
Met de wet - die sinds 1 februari 2024 van kracht is - hebben alle gemeenten een wettelijke taak om bij te dragen aan de opvang van asielzoekers, zodat opvangplekken beter over het land worden verdeeld. In samenwerking met andere overheden in onze regio, handelt de gemeente Brummen in lijn van deze wet. Als gemeente blijven we onze verantwoordelijkheid nemen en toewerken naar structurele azc-capaciteit in Nederland (voor het COA).
n.b. al voor de komst van de Spreidingswet waren we al op zoek naar goede en beschikbare opvanglocaties.
Wat betekent het nieuwe verdeelbesluit voor opvang in de gemeente?
Het college heeft begin 2025 kennisgenomen van de inhoud van de brief die toenmalige Minister van Asiel en Migratie mevrouw Faber in december 2024 heeft gestuurd over de verdeling van asielopvangplaatsen over de provincie Gelderland (Spreidingswet). De brief is besproken met de collega’s binnen regionaal verband, de Provinciale (sub)Regietafel Migratie & Integratie (PRT) Gelderland. Zorgvuldigheid over dit onderwerp vinden wij van groot belang.
Op 23 januari 2025 heeft de Commissaris van de Koning van Gelderland in een brief aan de Minister laten weten dat de Gelderse gemeenten en provincies vasthouden aan de in 2024 ingediende plannen. Onder andere de gemeente Brummen heeft een bezwaarschrift ingediend tegen het verdeelbesluit. Vlak voor de val van het kabinet is duidelijk geworden dat de regering tegemoet zou komen aan het bezwaar en zou uitgaan van het aantal van 350 plekken voor Brummen zoals opgenomen in het provinciale plan. Eind 2025 heeft de Minister van Asiel en Migratie laten weten dat de gemeente een taakstelling heeft van 350 opvangplekken.
Wat heeft een azc met de Spreidingswet te maken?
De gemeente Brummen is al geruime tijd op zoek naar geschikte locaties om Oekraïners, statushouders en mogelijk ook vluchtelingen een onderkomen te bieden. Omdat de gemeente zelf niet beschikt over geschikte locaties (gebouwen, hotels enzovoort), is er op dit moment nog geen centrale opvanglocatie voor vluchtelingen (anders dan voor ontheemden uit Oekraïne).
Het COA ziet in het particuliere perceel van landgoed De Michaelshoeve de kans om zelf een groot aantal mensen te huisvesten. Met de komst van een eventuele azc draagt de gemeente in ruime mate bij aan de landelijke, regionale en ook lokale noodzaak om mensen op te vangen. Cijfermatig zou dit kunnen betekenen dat Brummen zich in de regio bijvoorbeeld sterk kan maken voor het opvangen van een lager aantal statushouders of ontheemden uit Oekraïne. Hier kunnen gemeenten zonder asielzoekerscentrum dan een extra inspanning leveren.
Wat is het voordeel om op één locatie 300 tot 350 asielzoekers op te vangen?
Vanaf ongeveer 300 personen regelt het COA alles op het terrein voor de asielzoekers. Dit gebeurt dan dus door een ervaren organisatie met professionele krachten. Deze verantwoordelijkheid komt dan niet bij de gemeente terecht. Denk bijvoorbeeld aan huisartsenzorg. Bij een azc van minimaal 300 personen organiseert het COA de huisartsenzorg via eigen aanbieders. Huisartsen in Brummen worden dan niet verder belast. Dit geldt ook voor zaken zoals huisvesting, begeleiding, taalonderwijs, enzovoort.
Wat moet de gemeente doen als de COA geen azc in Brummen vestigt?
De gemeenten in Nederland hebben vanuit de Spreidingswet een opdracht om asielzoekers op te vangen. Ook wij moeten dus een voorziening regelen. Mocht de koop van de Michaelshoeve door het COA onverhoopt niet doorgaan, dan ligt er nog steeds de verplichting om opvang te bieden aan een groep asielzoekers. Bij dat aantal asielzoekers moet de gemeente zelf zorgen voor huisvesting, huisartsenzorg, begeleiding en andere zaken. Dit is voor menig kleine gemeente in de huidige tijd een (te) forse opgave, zo ook voor Brummen.
Waarom niet meer kleinschaligere opvanglocaties?
Vanuit het COA/de bewoner bekeken is een middelgrote opvanglocatie voor asielzoekers het best. Dit komt door de volgende aspecten:
- In een kleine opvang (minder dan 150) werkt het COA meestal met een ambulant team dat niet altijd aanwezig kan zijn. Bij een middelgrote opvang kent het team de bewoners en kan dicht op de dagelijkse gang van zaken zitten.
- Beter aanbod van training/activiteiten, omdat er dan voldoende mensen zijn uit een bepaalde taalgroep, leeftijdsgroep of met bepaalde interesse/mogelijkheden.
- Gezondheidszorg voor asielzoekers (GZA) op locatie en daarmee ontlasting van de plaatselijke eerstelijnsgezondheidszorg en goede samenwerking tussen het COA-team en GZA, waarmee teams goed zicht hebben op problemen die er spelen.
- Kostenefficiëncy. De kosten per bewoner zijn (veel) minder hoog en de gemeente wordt daardoor niet om een eigen bijdrage gevraagd.
- Tijdelijke locaties zoals hotels of boten zijn vaak erg kostbaar en hebben voor de bewoners niet de juiste faciliteiten zoals een keuken om zelf te koken, mogelijkheden voor taallessen, medische zorg etc.
- Ontzorgen van de gemeente; op kleinschalige opvang zal de gemeente moeten zorgen voor gezondheidsaanbod, participatie/integratie en eventueel beveiliging.
Is het niet beter om asielzoekers gelijk over de dorpen in onze gemeente te verdelen?
Naast statushouders en ontheemden uit Oekraïne vangt de gemeente Brummen op dit moment nog géén asielzoekers op. Omdat asielzoekers nog in procedure zitten en het dus onzeker is of ze wel of geen verblijfvergunning krijgen, ligt het niet direct voor de hand hen verspreid door onze gemeente op te vangen. Want, juist deze groep mensen heeft begeleiding, daginvulling en zorg nodig. Dat is het meest efficiënt vanuit één locatie te regelen. Om dat vanuit meerdere locaties te doen is bijzonder kostbaar. De (meer)kosten worden afgewenteld op de gemeente. Dat kan dan ten koste gaan van andere zaken op onze begroting.
Wie is waar voor verantwoordelijk bij de komst van een nieuw azc?
Het COA is onder meer verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de locatie, de huisvesting, de begeleiding van en voorlichting aan bewoners en de veiligheid op de locatie. De gemeente is onder meer verantwoordelijk voor mogelijke ruimtelijke ordeningsprocedures. Maar heeft ook een rol in de infrastructuur en voorzieningen rondom de opvanglocatie en in de wijk, en de veiligheid in de wijk of een dorp.
Tegelijkertijd is er sprake van samenwerking tussen gemeente en het COA en vloeien taken soms in elkaar over. Gemeente en het COA nemen beide verantwoordelijkheid voor het informeren van de wijkbewoners, overige inwoners en organisaties. Als er zaken in de wijk spelen die het gevolg zijn van de komst van de locatie worden die opgepakt. Zowel de gemeente als het COA is gebaat bij een goede sfeer op de locatie en in de wijk, goed overleg met betrokken organisaties en het inbedden van een azc in de gemeente.
Speelt geld een rol voor de gemeente om mee te werken aan een azc met 300-350 personen?
Ons besluit is ingegeven door menselijke motieven. Niet door financiële motieven. Wel realiseren we ons dat daar waar er sprake is van een vergoeding en het COA zorgdraagt voor alle zaken op en rond de opvanglocatie, wij juist onze voorzieningen, middelen en inzet kunnen richten op onze lokale gemeenschap.
De Spreidingswet kent een bonusregeling. Deze is wat complex, maar in dit verband is voor de gemeente Brummen vooral van belang dat er voor elke plek boven de taakstelling van 120, er elke 2 jaar een bonus van €2.000 per bewoner wordt uitgekeerd. Overigens is de toekomst van zowel de Spreidingswet als van deze bonusregeling onzeker in het licht van de plannen van de nieuwe coalitie (zie hiervoor het Hoofdlijnenakkoord van PVV, VVD, NSC en BBB).
Waar kan ik terecht met vragen aan het COA?
Voor algemene vragen kunt u contact opnemen met de Informatielijn van het COA. Die is bereikbaar via info@coa.nl en op telefoonnummer 088 71 57 000 (ma t/m vr 8.30 - 17.30 uur).
Mocht er een nieuwe opvanglocatie in gebruik worden genomen, dan is de locatie 24 uur per dag zeven dagen in de week bereikbaar via een eigen telefoonnummer. Ook zal er dan een eigen e-mailadres van de locatie bekend gemaakt worden.